Een meerderheid in de Tweede Kamer steunt een motie van D66’er Paul van Meenen, waarin wordt gestreefd naar minder lesuren per week voor leraren in het primair onderwijs. Dit zou leraren de tijd en ruimte moeten geven om zich te verbeteren, verbreden en verdiepen, aldus de Kamer.

Van Meenen, die zijn motie voor de vierde keer indiende, is van mening dat het voor de ontwikkeling van onderwijsvernieuwing van groot belang is dat docenten in het basisonderwijs voldoende tijd hebben om dit op een hoog niveau vorm te geven. Daarom pleit hij voor het vaststellen van een maximaal aantal lesuren van acht dagdelen voor een (fulltime) docent in het primair onderwijs. De motie – die wordt ondersteund door coalitiepartij PvdA en een aantal oppositiepartijen – verzoekt de regering om samen met het onderwijsveld tot een uitgewerkt voorstel hiervoor te komen, waarin ook de financiële consequenties worden uitgewerkt.

De PO-Raad is een voorstander van meer ruimte en ontwikkeltijd voor leraren en draagt graag bij aan het onderzoek en het voorstel. Wel waarschuwt de sectororganisatie voor het primair onderwijs ervoor dat het aan de sector in gezamenlijkheid is – en niet aan de politiek – om arbeidsvoorwaarden overeen te komen en invulling te geven aan de organisatie van het werk. Ruimte voor maatwerk is hierbij het uitgangspunt. Ook stelt de PO-Raad voor om in het voorstel de effecten op de werkdruk van leraren in ogenschouw te nemen.

Bron: PO-raad